

Copyright © 2008 geentweewegen.nl


Kun je jezelf in geestelijke zin opwerken en zo komen tot een waardig en geschikt persoon voor de Hemel, de plaats waar God is? Ben je in staat om alle regels en wetten na te leven, zonder enig falen? Kun je het vanuit jezelf zover schoppen dat je het eeuwige leven verdient? Nee, kan ik je zeggen! Dat is onhaalbaar.
Ongeldig verklaard
(Nbg) Matteüs 19 vers 16
“16 En zie, iemand kwam tot Hem en zeide: Meester, wat voor goed moet ik doen om het eeuwige leven te verwerven? 17 Hij zeide tot hem: Wat vraagt gij Mij naar het goede? Eén is de Goede. Maar indien gij het leven wilt binnengaan, onderhoud de geboden. 18 Hij zeide tot Hem: Welke? Jezus zeide: Deze: Gij zult niet doodslaan, gij zult niet echtbreken, gij zult niet stelen, gij zult geen vals getuigenis geven, 19 eer uw vader en uw moeder, en gij zult uw naaste liefhebben als uzelf. 20 De jongeling zeide tot Hem: Dat alles heb ik in acht genomen; waarin schiet ik nog te kort? 21 Jezus zeide tot hem: Indien gij volmaakt wilt zijn, ga heen, verkoop uw bezit en geef het aan de armen, en gij zult een schat in de hemelen hebben, en kom hier, volg Mij. 22 Toen de jongeling [dit] woord hoorde, ging hij bedroefd heen, want hij bezat vele goederen.”
De jongeling in dit verhaal had het ver geschopt. Hij was net als Paulus (fillipenzen 3 vers 6), naar de wet onberispelijk, maar Jezus vroeg hem iets wat niet in de wet stond, “geef je totale bezit aan de armen”. Dit was iets wat de jongeling niet had verwacht. Hij kwam oog in oog te staan met zichzelf. Ik doe alles volgens de wet, maar ga mij niet vragen om mijn rijke leven opzij te zetten. Dit “rijke leven” van de jongeling was hetgeen dat hij niet uit handen wilde geven. Zijn grote bezit was voor hem belangrijker dan het kiezen van de weg die Jezus hem wees.
Het hart
Het dienen van God was voor deze jongeling het navolgen van alles wat in de wet stond. Meer niet. Wat Jezus kwam brengen was hetgeen wat God in het oude testament al duidelijk maakte, het hart:
(Nbv) Psalmen 36 vers 11:
11 Toon aan uw getrouwen gedurig uw liefde, aan de oprechten van hart uw gerechtigheid.
God kijkt niet naar wat we praktisch allemaal doen, maar naar de inhoud an ons hart. Hij doorziet
ieder mens:
(Nbv) Psalm 139 vers 1-
HEER, u kent mij, u doorgrondt mij, 2 u weet het als ik zit of sta, u doorziet van verre mijn gedachten. 3 Ga ik op weg of rust ik uit, u merkt het op, met al mijn wegen bent u vertrouwd.
Wanneer je in je hart oprecht gerechtigheid najaagt, wordt er duidelijk dat je het zelf niet kunt. Paulus was, toen hij Christus nog niet had leren kennen, naar de wet volmaakt. Wat er miste was de volmaaktheid van zijn hart. Christus openbaarde zich aan Paulus. Na deze openbaring zag Paulus in dat het volmaakte voor God niet bereikbaar was door wat hij deed, maar door wat Christus heeft gedaan.
Paulus erkende zijn tekortkoming. Er is geen groter eerbied en ontzag voor God, dan de erkenning dat je het zelf niet redt om tot God te naderen. Je kunt helemaal perfect de wet volgen, maar je veracht God als je zegt dat dat genoeg is om tot Hem te naderen.
Onverdiend ontvangen
Jezus heeft het voor JOU volbracht aan het kruis. Dit is genade. Iets wat wij niet hebben verdient is ons gegeven.
(Nbv) 2 Corinthe 5:21:
God heeft hem die de zonde niet kende voor ons één gemaakt met de zonde, zodat wij door hem rechtvaardig voor God konden worden.
God nam Christus, Die geen zonde gedaan had, en belastte Hem met onze zonden. In ruil daarvoor rekent God de rechtvaardigheid van Christus aan ons toe.
Deze waarheid is moeilijk te begrijpen, omdat je in deze maatschappij nooit iets vanzelf krijgt. Van kinds af aan worden we opgevoed met de regel ‘eerst iets goeds doen voordat je er iets voor terug krijgt’. Nu brengt de bijbel ons een nieuwe regel ‘ontvang het door geloof alleen’! Wil je deze waarheid accepteren, of keer je terug in het systeem van deze maatschappij?
Is je best doen genoeg?