De Stille Week begint met Palmzondag. Op die dag wordt gevierd dat Jezus als Koning Jeruzalem wordt binnengehaald met palmtakken: Lukas 19,28-44. Ook wordt het lijdensverhaal gelezen.
 
Wanneer men voor alle dagen van de week een gebedsdienst of vesper houdt zijn daarvoor traditionele lezingen voorhanden. Voor de maandag: Johannes 12, 1-8, voor de dinsdag: Markus 14, 1 (of 32) - 15, 46. Voor de woensdag: Lukas 22, 39-23,49.
 
Op Witte Donderdag wordt het laatste Avondmaal van Jezus met zijn leerlingen herdacht. Hierin aandacht voor de voetwassing door Jezus (Johannes 13), het maaltijd houden met de leerlingen en daarna de gevangenneming.
 
Op Goede Vrijdag herdenken we het lijden, het sterven en de begrafenis van onze Heer Jezus Christus. We doen dat aan de hand van Psalm 22, gedeelten uit Johannes 18 en 19; Marcus 14, 32-15,39; Lukas 22,39 -23,54.
 
Dan is het Stille Zaterdag. Overdag kunnen we mediteren bij Jona 2, Matteus 12,28-42; psalm 30 en 116. 's Avonds kan een Paaswake worden gehouden. In deze nacht denken we ook aan de Uittocht van het volk Israel uit Egypte. Traditioneel gelezen Bijbelgedeelten zijn: Genesis 1: De schepping; Genesis 2,1-18: Abraham en Izaak; Exodus 14,15 - 15,1: De Doortocht; Jesaja 54,5-14: uw Verlosser; Jesaja 55,1-11: kom tot het heil; Baruch 3,9 - 4,4: gebed en lied in ballingschap; Ezechiel 36,16-28: een nieuw hart zal Ik u geven.