Noordoost-Spanje

About Me

Onderwerpen Noordoost-Spanje

Noord-Spanje

zweden

lesbos [2002]

Lesbos [1999]

zwitserland

Polen

Noorwegen

Ebro

Bargerveen

 

Na het opzetten van de tent konden we onze eerste wandeling maken. Vlak bij de tent ontdekten we al snel enige Putters en Groenlingen. In de rietvelden achter de camping ontdekte ik een Purperreiger. Meestal zag de dagindeling er als volgt uit. In de ochtenduren, als het nog redelijk te doen was qua temperatuur, gingen we het natuurgebied in. Daarna koffie en wat eten in de schaduw bij de tent. De schaduw werd gevormd door bomen. Elke boom werd via een druppelsysteem voorzien van water. Schaduw is hier zeer belangrijk. In de middag naar het strand van de Middellandse Zee. Het strand is gelegen aan de golf van Roses. Daarna wat eten klaar maken en weer op pad. Als we bij het informatiecentrum van het aangrenzende natuurgebied begonnen dan kun je links of rechtsom het gebied in. We konden de auto mooi parkeren onder een afdakje en verwachtingsvol liepen we op de eerste hut af. Geen vogel te bekennen! Alles stond droog. Op naar de tweede hut: ook droog. Op naar de derde hut en hier waren ze bezig met het pompen van water. Daar lagen wat (echte!) slangen, vermoedelijk Adderringslangen. Bij deze hut was nog een klein plasje over waar een Kleine Zilverreiger de laatste visjes uit probeerde te vangen. Hij kreeg later hulp van nog twee reigertjes zodat er drie aan het foerageren waren. Ook een Groenpootruiter probeerde zijn geluk. Later kwam er nog een Ooievaar aanvliegen, maar met zijn grote sneb had hij geen enkele kans om dat kleine grut te pakken te krijgen dus die was snel weer vertokken. Op de paaltjes achter in het veld zat een Scharrelaar. Een damhert stak de uitgedroogde vlakte over. De volgende dag gingen we rechtsom het gebied door. Er zijn een vijftiental hutten dus er moet wel iets te zien zijn zou je denken. Direct nadat we rechtsaf gegaan waren zag ik een Smaragdhagedis op een waterbak liggen. Hij/zij was zich aan het opwarmen. Verderop mooie uitkijkpunten en overdekte hutten vanwaar uit je de Ooievaars kon gadeslaan. Ze hadden al grote jongen op het nest zitten. Verderop het gebied in wordt het wat kaler en was een plas/dras weilandje. Daar zaten diverse steltlopers en plevieren. Opvallend waren natuurlijk de gracieuze steltkluten. Maar ook een aantal Europese Flamingo’s. Het gebied is met name bekend om zijn reigerachtigen. Alle reigersoorten van Europa kun je hier aantreffen. Wij hebben de Roerdomp niet gezien de rest wel. Meest opvallend de vele Koereigers en Zilverreigers. De Koereigers liepen meestal in de buurt van de koeien en paarden. Onderweg veel de Graszanger gehoord en gezien. Beeld bepalend is hier de voormalige droogtoren. Vanaf die toren heb je een mooi overzicht over het gebied heen. Als je de route vervolgd kom je vanzelf bij hut 8 terecht met te naam ‘Bruel”. Op een ochtend hadden we vanuit deze hut een prachtige zonsopgang. In de hut was een Boerenzwaluw bezig zijn jongen te voeren. Meest bijzondere soort was de Purperkoet. Deze grote koet, ter grootte van een flinke Barnevelder, zit vaak in de vegetatie biezen af te knippen om zo het merg te bemachtigen. In de avonduren was dit ook een uitgelezen plek om een paar uurtjes te vertoeven. Tegenover de hut staan een aantal bomen die dienst deden als slaapplaats voor de Koereigers en zilverreigers. Ook twee maal een Woudaap hier gezien. Ook tweemaal een groep Wilde Zwijnen over zien zwemmen.