Vogelcursus 2003

About Me

Onderwerpen Excursie

Wieringermeer

Kamperduin (kust)

Vogelnieuws

Vogelfront

WieringermeerII

Vogelcursus 2003

 

 

 

Excursie Vogelcursus


De eerste excursie eind maart ging zoal gewoonlijk de Wieringermeer in. Het lijkt een kale, verlaten vlakte, maar in de wintertijd wordt deze polder steeds belangrijker als overwinteringgebied voor met name honderden Kleine Zwanen en duizenden Rietganzen. Tijdens de autorit er naar toe vloog er even een houtsnip met ons mee. Deze trekken nu weer door en overwinteren hier ook wel. Ook broedvogel in klein aantal.
Eind maart waren de meeste van deze wintergasten al weer naar het hoge noorden vertrokken. Bij de Dijkgatswielen, ontstaan door Duitse bommen aan het einde van de oorlog, troffen we nog wel veel Kuifeenden aan, een paar stelletjes Krakeenden en een paartje futen. In het bos konden we alweer genieten van de zang van de vink, roodborst en winterkoning. Ook de zanglijster was mooi te zien in de telescoop en ook zijn zang konden we goed beluisteren.
Aan de zuidkant van het Robbenoordbos, onder het genot van de meegenomen koffie en in het zonnetje, hoorden we de eerste zang van de Tjiftjaf. Ook vlogen hier staartmezen heen en weer. We ontdekten hier zelfs enkele kruisbekken in de boom. Bij gemaal Leemans was Bert Winters aan het ringen en die kon ons nog enkele vogels van dichtbij laten zien die hij had gevangen in de mistnetten. Na het ringen worden ze natuurlijk weer losgelaten.
Op de weilanden waren de weidevogels actief: kievit, grutto en tureluur. Bij Den Oever in de haven fraai de Grote- en Middelste zaagbek gezien. Soms worden hier zeehonden gezien.

De weer erop naar Schoorl. Daar konden wederom het geluid van de Vink, koolmees en zwarte mees beluisteren. Onderweg waren de spechten actief. Een viertal spechten, waarschijnlijk twee echtparen, hadden een territoriaal conflict. Wij zaten daar op de eerste omdat schouwspel te aanschouwen. Zo nu en dan hoorden we de lachende roep van de Groene specht. Tijdens de koffiestop kwam de Groenling boven ons zitten in de boom. Op de zondag hadden we zelfs een aantal kepen en een paar sijsjes. Zo zie maar weer het kan elke dag anders zijn en vaak kom je leuke dingen tegen als je op tijd op pad gaat. Na de koffie, onadat we een aantal leden van Zwefilo even gedag hadden gezegd, op naar de kust. Eerst even naar het grote parkeerterrein van Camperduin. In de het zat een paartje Roodborsttapuiten. Op het parkeerterrein zelf een stelletje bontbekplevieren. Vorig hebben ze hier, ondanks de drukte een aantal eieren uitgebroed! Bij de Putten konden we fraai de kluten bewonderen. Hier ook de bergeenden en tureluurs. Een goede waarneming was de Zwarte Ruiter. Deze was al een beetje aan het verkleuren naar het pikzwarte zomerkleed. In de winter lijkt hij nogal op een tureluur. Pas als ze opvliegen zie het verschil duidelijk: zwarte ruiter met een witte sigaar op de rug, de tureluur met een witte vleugel-achterrand. Op de tocht achter de Putten langs konden we Nijlganzen, graspiepers en een groep goudplevieren avn dichtbij bewonderen. Bij het natuurgebiedje het “Hargergat” konden we geen beflijster ontdekken. In de trektijd worden ze vaak gedurende enkele dagen gesignaleerd. Dit gebied is vroeger ontstaan door zandwinning. Thans ontspringt er nog steeds drangwater uit het duin waardoor een bronmilieu ontstaat. Hierdoor ontstaat een zeldzaam milieu met een zeldzame vegetatie, zoals bronkruis, moerasmuur etc. Even verderop in de plasjes aldaar zaten slobeenden en wintertalingen. Via de telescoop waren ze goed te zien. Tijdens het kijken naar al deze mooie eenden kwam de welluidende zang van de boomleeuwerik door!

Op 12 april vertrokken we al om zeven uur naar het Zwanewater, volgens velen het mooiste duingebied van N.H. Het gebied is zo’n vierhonderd jaar geleden ontstaan mede door het afsluiten van het Zijpergat. Het was wederom prachtig weer na een lichte nachtvorst. Met was mistflarden om ons heen en een opkomend zonnetje wisten we deze prachtige matineuze tocht op waarde in te schatten. Ook in het Zwanewater, ruim 600 ha groot, werden we niet teleurgesteld. De Tjiftjaf begroette ons al vanaf de parkeerplaats. Net in het begin hoorden we hit korte aflopende liedje van de fitis. Het was de eerste voor mij en voor de cursisten dit jaar. Ook de Roodborst en de Heggemus en de zeldzame Boompieper konden we snel op de lijst zetten. Nog mooier was de waarneming van een blauwborst; eerst het geluid, maar even later zat hij mooi boven in een struik.
Met het ochtendlicht op zijn mooie witgesterde borst, omzoomd door “Histor-blauw”, was het een echt een juweeltje. Hier hebben we even van genoten. Ook de waterral en zelfs het ‘hompen’ van de roerdomp konden we horen. De waterral roept als een mager speenvarken, de roerdomp is meer een misthoorn. 0p eind van het recht stuk, waar je linksaf kunt altijd even naar rechts kijken. Ook nu zat daar weer een paartje roodborsttapuiten. Hier ook enkele tapuiten aanwezig. Zij broeden graag in konijnenholen. Maar de konijnen hebben het moeilijk in verband net de predatie door vossen. Dus meer vossen, minder konijnen => minder holen en dus minder holenbroeders. Want ook de bergeend en de holenduif gebruiken graag een verlaten konijnenhol. Op het uitkijkpunt hadden we mooi overzicht op de twee meren. Op naar het drijvende uitkijkpunt. Ik hoorden de heldere tonen van de baardmannetjes. Vanuit de hut waren ze mooi te zien. De mannetjes met die mooie baardstrepen die zo handig in de rietstengels ophoog kunnen klauteren. De Rietgors, met de zwarte kop en witte halsring, doet dit ook maar veel minder elegant. Op het meer diverse Slobeenden, Grauwe Ganzen , Tafeleend en zelfs nog enkele Brilduikers. We vervolgden onze weg en hoorden nog diverse keren de Blauwborst. Die had er vandaag zin in. Ook zagen we enkele Bruine Kiekendieven en Aalscholvers met nestmateriaal. In de noordoost hoek van het Zwanewater konden we het fraaie geluid van de boomleeuwerik beluisteren. Zoals gezegd het was een prachtige ochtend en zelfs een grauwe gans in het jonge verse groen is dan al een genot om naar te kijken. Bij de andere hut meer van hetzelfde en we kregen trek in thee of koffie. Dat was weer prima verzorgd. Tijdens de koffiepauze op het parkeerterrein verscheen er nog een grote roofvogel boven ons, lastig gevallen door een kraai. Het bleek een havik te zijn. We konden mooi de belijning op zijn buik en ondervleugels zien. En of het nog niet genoeg was verschenen er ogenschijnlijk uit het niets een boerenzwaluw en een oeverzwaluw. Ze vlogen daar rond al waren ze nooit weggeweest, terwijl ze net een reis vanuit Afrika achter de rug hadden! Eind mei kunnen we dan de gierzwaluwen weer verwachten. Tijdens de zondagexcursie boden we een Tringiaan (Vogelwerkgroep Schagen) een kopje koffie aan. Hij vertelde dat hij een goed plekje wist voor een steenuil aan de Westfriese dijk. Daar hadden we wel oren naar en we besloten direct even te gaan kijken op de weg naar huis. En inderdaad zat onze kleinste uil daar lekker in het zonnetje. Een mooi slot van een toch al geslaagde excursie.
p.s. Vorig jaar behaalde ik een derde prijs bij de Jaap Taapken vogelfotoparade met een blauwborst genomen in de Groetpolder. Dat geeft de burger natuur moed en dus had ik dit jaar weer ingestuurd. Wat scherts mijn verbazing: dit maal een eerste prijs met een Grote Karekiet zingend bovenin een rietpluim, genomen op Lesbos. Hele maal een beetje trots natuurlijk. Binnenkort te zien op mijn website.
Otte Zijlstra.
Ow.zijlstra@quicknet.nl
www.natuurinfo.tk


This Page is best viewed at 1024*768. Internet explorer version 5.0.