Maria op Zolder

Caminho de Fátima, Portugal, mei 2009.

Voordat je ons reisverslag leest over onze tocht naar Fatima is het handig om het volgende over deze bedevaartsplek te weten. Het verhaal begint op 13 mei 1917 , als 3 kleine herdertjes, Jacinta, Francisco en Lucia, een verschijning van Maria zien. Daarna is Maria nog een aantal keren, telkens op de 13e van de maand, aan deze kinderen verschenen. In eerste instantie geloofden de mensen hen niet, maar in de loop der tijd verzamelden zich steeds meer mensen op de plek, waar Maria zich aan de herdertjes liet zien. En uiteindelijk is deze plaats uitgegroeid tot een (inter)nationaal bedevaartsoord. Maria gaf de kinderen boodschappen mee over de wereldvrede. Op dat moment was de 1e wereldoorlog in volle gang. Jacintha en Francisco stierven kort na de verschijning aan de Spaanse griep, Lucia werd 97 jaar oud. Het grootste deel verbleef zij in het klooster. De 3 herdertjes liggen begraven in de prachtige basiliek in Fatima, die hoog boven het plein uittorent. Sinds een paar jaar kreeg ik steeds meer het verlangen om een mooie pelgrimstocht te gaan maken. Een tocht van zes weken naar Santiago de Compostela leek me fantastisch, maar niet erg realiseerbaar gezien mijn werkzaamheden en twee opgroeiende kinderen . Vorig jaar gaf mijn zus mij een krantenartikel dd. 26 april 2008 uit het Parool over een pelgrimstocht ‘van slechts één week’ naar Fátima. Nu kan het toeval zijn maar als kind las ik altijd al graag in het boek ‘’De herdertjes van Fatima’ van mijn moeder. Het artikel sprak ons zo aan dat wij dan ook niet lang aarzelden om een vlucht naar Lissabon te boeken. En toen begon ons avontuur vanaf Lissabon dwars door de velden en dorpjes langs de rivier de Taag richting Fatima. Wellicht een tip en belangrijk om te weten; In Portugal bestaat er nauwelijks de mogelijkheid om te verblijven in een ‘Bed & Breakfast’ –achtige’ locatie. Een goede voorbereiding om dagelijks de juiste afstanden te bepalen met daarbij een hotelovernachting ‘op loopafstand’ is dan ook van groot belang! In het artikel stond dat de tocht binnen vijf dagen kan worden gedaan. Dagelijks moet dan een afstand worden afgelegd tussen de 20 en 30 kilometer. Wij liepen de alternatieve route (Caminho de Fátima) over karrensporen, door het land, door pittoreske dorpjes, langs olijfbomen in de bergen en door industriegebieden. Geglazuurde tegeltjes, azulejos, aangebracht op betonnen paaltjes of b.v. een peil op een tegel of op een (lantaarn)paal, wijzen de weg. Met name aan het begin v.d. tocht, was het niet zo goed aangegeven, maar naarmate de reis vorderde, werd het steeds beter. De Portugese bewoners, die ook naar Fátima lopen, lopen deze alternatieve route niet, sterker nog, menigeen heeft het ons onderweg uit ons hoofd proberen te praten. Zelf lopen zij in grote getale langs de snelweg in fluoriserende hesjes.Wij liepen soms urenlang met z’n tweeën door de velden. En we liepen de bedevaartstocht met een knipoog; Onze voorbereiding voor wat betreft het wandelen bestond uit 3 keer met half gevulde rugzak oefenen, toen vonden we het wel weer genoeg. Klaar voor het grote werk! Ik had alles wat ik mee wilde nemen van te voren uit gedokterd, echt serieus over nagedacht, zodat ik zo weinig mogelijk bagage mee hoefde te torsen. Naderhand bleek dat toch teveel te zijn. Ik was op alles “voorbereid”. Mijn zus Sonja had er ook goed over nagedacht en had de beautycase mee en een lekker dik boek. Ik dacht dat het gewicht van mijn tas wel meeviel en op Schiphol kocht ik nog een potje nagellak. (Dit zegt natuurlijk weer wat over mij). De vakantie bestond uit acht dagen. twee dagen reizen, vijf dagen lopen en een dag Lissabon. De eerste dag. Van Lissabon naar Vila Franca de Xira.……… Met name in het begin werd het niet zo duidelijk aangegeven en na een paar uur wandelen in de brandende zon stonden we ineens op de snelweg i.p.v. een mooi landweggetje zoals op de folder. We wisten het even niet meer en voelden ons wat ontmoedigd. Precies op dat moment kwam er een man aanlopen, ook op weg naar Fátima maar dus via de snelweg, en hij sprak ons gelukkig aan in het Engels. Wij vertelden ons verhaal en hij probeerde ons ervan te overtuigen, gedurende twintig minuten, om niet de alternatieve route te lopen. Overigens niet gelukt, Sonja was onverbiddelijk. Hij bleef het geen succes vinden, maar als echte Portugese man, zou hij ons begeleiden naar de plek waar wij waarschijnlijk een bord/sign gemist zouden hebben. Vervolgens bleef hij een paar uur met ons meelopen. Hij zei: You laugh to tears, when you see the signs! Wat waren we blij dat hij met ons meeliep. De bewegwijzering was nihil en we liepen uren door prachtig niemandsland, maar we wisten nu wel dat we goed liepen en hij vertelde onderweg ook nog over de historie. Een mooie ontmoeting. ’s Middags samen geluncht en daarna nog een paar uur samen gelopen. Wij begonnen onze zwaar belaste lichamen te voelen, dus toen hij begon over een kortere weg en ’n stukje met de trein, waren wij direct enthousiast. Vrij snel na zijn advies hebben wij afscheid genomen en hebben wij hem vele malen bedankt. Wij weer met z’n tweeën verder, maar het station bleek toch verder als we dachten en weer was de weg slecht aangegeven. De temperatuur steeg, maar de sfeer daalde. En al helemaal toen bleek dat mijn zorgvuldig ingepakte chocoladerepen getransformeerd waren tot chocolademelk. Toen zagen we een taxibedrijf. Voorzichtig vroegen wij hoeveel ’n taxi naar ons hotel zou kosten. €15.00 was het antwoord, waarop Sonja direct zei: Nou direct lachend instappen. En inderdaad met ongeveer 22 km op de teller was het voor de eerste dag wel genoeg. In het hotel aangekomen, direct een bad genomen om de spieren te ontspannen. (Kon ik het flesje badolie gebruiken, werd m’ n rugzak weer wat lichter). Bleek er een warm-water storing te zijn: ik had geel lauw water, maar Sonja bruin koud. ’s Avonds lekker aan de wijn, met name Sonja. Daarna vroeg naar bed. Dit was ook nog een hot item. Ik ben een echt ochtendmens en Sonja een avond mens, maar gelukkig gaf dit geen problemen, d.w.z. Sonja paste zich aan. De tweede dag. Van Vila Franca de Xira naar Azambuja. In eerste instantie konden we het startpunt niet vinden, maar eenmaal gevonden verliep alles uitstekend. Onderweg nog midden in een industriegebied een ooievaarsnest op een schoorsteen gezien. Ook hadden we onderweg veel bekijks. In dorpjes werd ons soms drinken aangeboden of werden we even aangeraakt of ze toonden devotie als we vertelden op weg naar Fátima te zijn. We voelden ons echt goed en op weg naar…… De derde dag. Van Azambuja naar Santarem. De derde dag kwamen we aan in Santarem, een prachtig Unesco-stadje. Onderweg heerlijk geluncht, bij een restaurant gerund door een voormalig stierenvechter en z’n moeder. Naast de overheerlijke baccalou (een visgerecht), werd ook de stierenvechter warm aanbevolen door z’n moeder, aan Sonja. Ik had inmiddels een prachtige, doch pijnlijke blaar ontwikkeld en daardoor kon ik dag vier niet in mijn loopschoenen en we besloten om in Santarem te blijven en de stad (op slippers) te verkennen. We hebben prachtige kerken bezocht, gebouwen bekeken en lekker gegeten. Het liep anders dan gepland, maar achteraf was het voor allebei heerlijk om dit stadje rustig te bezichtigen. De vijfde dag. Van Monsanto naar Fátima. ’s Morgens met de taxi naar de plaats gereden, waar we aanvankelijk de vorige dag zouden moeten eindigen. Het was een grauwe dag en het motregende de hele dag. Maar we waren allebei in opperbeste stemming en het was ook best prettig om niet in de zon te wandelen. Mijn hiel was optimaal ingepakt en we gingen ervoor. Het was heerlijk. De bestemming was nabij, de sfeer bijna mystiek. De geur van de eucalyptusbomen en lavendelstruiken kwamen door de atmosfeer goed tot hun recht. We genoten, de sfeer devoot, ieder had zijn eigen gedachten. ’s Middags kwamen we aan in Fátima, een heel speciaal moment. De overgang was groot, er liepen ineens duizenden mensen. Dat was wel even wennen. Het was allemaal wel heel mooi, we bezochten de prachtige basiliek, waar ook de kinderen in liggen begraven, brandden kaarsen voor onze naasten, maar we vonden allebei de reis ernaartoe mooier. We bleven die nacht in Fátima en reden de volgende ochtend met de bus terug naar Lissabon. Daar hebben we nog een dag rondgeslenterd, heerlijk. We hebben er allebei ontzettend van genoten, allerlei emoties zijn gepasseerd. Het was ook heerlijk om na een dag wandelen lekker in een hotelletje te overnachten. En we vonden het ook heel leuk om dit als zussen te ondernemen. Groeten Marjon en Sonja.

Pelgrimstocht (met een knipoog).